Mariana_2_©-Koos-Breukel_png-768x1024Mariana liep haar brandwonden op als meisje van nog maar 4 jaar oud. Toch kan ze zo meedingen naar de award van meest positief ingestelde mens. ‘Er is een leven na brandwonden. Een leuk leven zelfs!’

Bijna twintig jaar geleden liep Mariana ernstige brandwonden over haar hele lijf op. Gelukkig gaat het inmiddels weer goed met haar. Het liefst vult ze haar dagen met reizen, shoppen en gezellige uitstapjes met vrienden en familie. Twee studies zijn afgerond, met de derde is ze druk bezig. En daarnaast lanceerde ze ook nog haar eigen fashion label: Designs by Mariana. Maar deze ambassadeur van de Brandwonden Stichting heeft nóg meer in haar mars. Met haar positivisme hoopt ze lotgenoten een hart onder de riem te steken.

‘Het gebeurde toen ik klein was, vier jaar nog maar. Ik was met een vriendinnetje aan het spelen. Plotseling kwam ze met een aansteker en een zakdoek naar buiten. Waarom weet ik niet, maar ze stak de zakdoek in brand en gooide ‘m naar mij. Mijn jurkje en maillot vatten direct vlam. Mijn zus kwam op het gegil af en probeerde mijn jurk uit te trekken. Het lukte niet. Ik rende naar huis en mijn moeder heeft meteen een laken om me heen geslagen om de vlammen te doven. Niet veel later kwam de ambulance die me naar Beverwijk bracht. We woonden helemaal in het oosten van Nederland, dus een flinke rit volgde.’

Mijn lot op video

‘Gek eigenlijk. Van het ongeluk zelf herinner ik me nauwelijks iets. Maar het moment dat ik in het brandwondencentrum word binnengebracht, staat in m’n geheugen gegrift. Dat komt omdat het tv-programma ‘Vinger aan de pols’ op dat moment in Beverwijk aan het filmen was. Heel bizar: ik heb dus op band staan, dat drie artsen aan het stemmen zijn of ze mij wel of niet gaan behandelen. Gelukkig was het antwoord unaniem ‘JA!’ Vanaf dat moment hebben ze voor mijn leven gevochten. En kan ik het nu gelukkig navertellen.’

Zware tijd

‘Niet alleen voor mij, maar ook voor mijn ouders betekenden mijn ongeluk de start van een zware periode. Hun wereld stortte in. “Hadden wij jouw pijn maar kunnen overnemen,” hebben ze toen vaak gezegd. Toen ik op de intensive care lag, mochten mijn ouders vanwege infectiegevaar niet bij me komen. Zo herinner ik me dat ze vanachter het glas naar me keken. Wat moet dat verschrikkelijk voor ze zijn geweest… Mijn herstel duurde zo lang, dat mijn ouders, broertje en zus in de buurt van Beverwijk kwamen wonen. Ik was zo erg verbrand, dat ik uiteindelijk een half jaar in het ziekenhuis heb gelegen. Mijn dagen stonden in het teken van operaties en revalideren.’

Het leven is leuk!

‘Op dit moment heb ik ongeveer één operatie per jaar. Tijdens het bezoekuur komen er dan altijd wel familie en vrienden langs. Ik heb het echt getroffen met mijn ouders, broers en zussen en een berg lieve vrienden. Mijn zus zei ooit nadat ze een interview van mij had gelezen, dat ze me zo dapper en sterk vindt. Het wordt natuurlijk niet dagelijks uitgesproken, maar ik weet dat mij familie trots op me is. En dat sterkt mij enorm. Ik put ook veel kracht uit mijn geloof. In de bijbel staat een vers, waar ik me helemaal in kan vinden. “God doet alle dingen ten goede keren voor degenen die Hem liefhebben.” Als er nare dingen gebeuren, geeft God er altijd iets goeds voor terug, zo interpreteer ik dat. Omdat ik in God geloof, weet ik dat dat ook voor mij geldt. Ik heb nooit lang in de put gezeten. Er is een leven na brandwonden. Een leuk leven zelfs! Mijn positivisme kan misschien zelfs andere mensen met brandwonden sterken. Natuurlijk vind ik het ook wel eens moeilijk om met mijn littekens te leven. Dan ga ik zwemmen en zeg ik tegen mezelf voordat ik het kleedhokje uitloop: “Oké Mar, daar gaan we dan. Let niet op die mensen. Wees sterk en heb plezier!” Iets wat ook altijd helpt, is relativeren. Natuurlijk is er soms een moment dat je in een dip zit. Maar dan denk ik aan mensen wiens leven veel moeilijker is. Dan is dat zware gevoel zo weer weg.’

print