Iedereen ervaart de periode in het brandwondencentrum en de tijd daarna anders. Het kan zijn dat je je boos voelt, verdrietig, of dat je nog vaak terugdenkt aan wat er is gebeurd. Op deze pagina lees je meer over wat een opname in het brandwondencentrum met je kan doen en hoe je hiermee om kunt gaan.
Stress
Wanneer je iets spannends meemaakt, zoals het oplopen van brandwonden, maakt je lichaam stofjes aan die ervoor zorgen dat je snel kunt reageren. Dit noemen we stress en het is een natuurlijke reactie van je lichaam. Je kan dit merken door een snellere ademhaling of een hogere hartslag. Stress uit zich bij iedereen anders. Sommigen voelen het in hun lichaam, bijvoorbeeld door buikpijn, hoofdpijn, moeheid of duizeligheid. Anderen merken het meer aan hun gevoel of gedrag. Bijvoorbeeld dat ze minder goed op kunnen letten, bang, boos of verdrietig zijn. Bij de een duurt dit wat langer dan bij de ander, maar meestal gaat stress gelukkig vanzelf over. Heb jij last van stress? Onderaan staan tips wat je kunt doen.
Na het oplopen van brandwonden kan het zijn dat je het ongeluk in je hoofd opnieuw beleeft. Dit heet een herbeleving. Ook kan het zijn dat je dingen niet wilt doen die je aan het ongeluk herinneren. Dit noem je vermijding. Naast herbeleving of vermijding kan je ook sneller boos worden. Dat wordt ook wel prikkelbaar genoemd. Ook kan je piekeren of zorgen hebben dat het weer kan gebeuren. Hieronder worden al deze gevolgen verder uitgelegd.
Herbelevingen
Bij een herbeleving heb je een duidelijke herinnering aan de gebeurtenis die voelt alsof het echt gebeurt en je ziet weer voor je hoe het was. Dit noemen ze ook wel een flashback. Een herbeleving kan ook in de vorm van een nachtmerrie voorkomen. Je hebt dan een nare droom over de gebeurtenis. Dit kan beangstigend zijn. Het is goed om te weten dat herbelevingen vaak voorkomen en niet raar zijn. Meestal verdwijnen de herbelevingen vanzelf weer. Later op deze pagina vind je tips en informatie over wat je kunt doen als de herbelevingen niet vanzelf overgaan.
“In het begin had ik vreselijke flashbacks maar nu is het wel minder geworden. Maar als ik bijvoorbeeld dingen op tv zie, met vuur, dan komen de beelden weer terug.”
~Linda
Vermijden
Als je een ongeluk hebt meegemaakt, kan het zijn dat je bepaalde dingen niet meer wilt doen omdat die je doen denken aan het ongeluk of aan je tijd in het brandwondencentrum. Dit noemen we ‘vermijden’. Denk bijvoorbeeld aan het niet in de buurt van vuur willen komen of niet over het ongeluk willen praten, omdat het je bang, boos of verdrietig maakt. Ook kun je heel voorzichtig zijn, omdat je bang bent dat er nog een keer iets ergs gaat gebeuren. Dit is heel normaal. Je probeert je op die manier te beschermen tegen die nare gevoelens. Toch zal je merken dat die ‘spannende’ dingen doen uiteindelijk steeds makkelijker gaan.
Prikkelbaar
Als je stress hebt, kan het zijn dat je sneller verdrietig, geïrriteerd of boos bent dan voorheen. Dit wordt ‘prikkelbaar’ genoemd. Dat kan gebeuren wanneer je iets hebt meegemaakt dat impact op je heeft. Het is dus niet gek dat je na het ongeluk wat sneller boos bent dan normaal. Je hebt nu eenmaal tijd nodig om te leren omgaan met alles wat je meegemaakt hebt. Bij de meeste kinderen verdwijnt het prikkelbaar zijn vanzelf weer.
Piekeren
Na het brandwondencentrum kun je meer piekeren dan voor het ongeluk. Piekeren betekent dat je gedachten en herinneringen steeds op dezelfde manier blijven terugkomen. Ze noemen dat ook wel dat je ‘blijft hangen’ in je herinneringen en gedachten. Piekeren is een vorm van stress. Het kan erg vervelend zijn. Je kunt er een rotgevoel door krijgen, slecht door slapen of moeite hebben met opletten op school. Piekeren gaat vaak vanzelf weer over.
Zorgen over dat het weer kan gebeuren
Als je weer thuis bent, kan je je zorgen maken dat het ongeluk nog een keer gebeurt. Veel kinderen en ouders worden veel voorzichtiger en zijn bang dat iets kleins grote gevolgen kan hebben. Bijvoorbeeld wanneer iemand een lucifer aansteekt, denk je: zal dat wel goed gaan? Dit komt omdat je weet wat er fout kan gaan. Het is goed om gevaarlijke situaties te voorkomen, maar het moet er niet voor zorgen dat je dingen niet meer doet. Zoals naar een barbecue bij vrienden. Het kan helpen om er dan over te praten.
Littekens
Het kan zijn dat je littekens hebt na het ongeluk. Dat kan erg wennen zijn. Soms kan het ervoor zorgen dat het zien van je littekens je doet terugdenken aan het ongeluk. Ook kan het zijn dat je het moeilijk vindt om je littekens te laten zien aan anderen. Al deze reacties zijn niet gek, maar kunnen wel stress opleveren. Lees hier meer over littekens.
Terug naar school
Het kan best spannend zijn om terug te gaan naar school na het ongeluk. Je bent even weggeweest en er is veel gebeurd. Hier kan je meer lezen over teruggaan naar school of de overgang naar een nieuwe school.
Tips
Hieronder staan verschillende tips die jou misschien kunnen helpen bij het leren omgaan met jouw ervaringen. Als je op een tip klikt, verschijnt er een uitleg.
1. Erover praten
Het is niet voor iedereen makkelijk om te praten over wat je allemaal hebt meegemaakt. Toch zorgt praten ervoor dat je gevoelens en gedachten beter begrijpt. Je gevoelens en gedachten delen met anderen kan zorgen voor een opgelucht gevoel. Zoek in je omgeving iemand waar je je fijn bij voelt en die goed naar jou kan luisteren. Voor de een is dit je vader of moeder, voor de ander een vriend of vriendin, maar dit kan ook een oom, tante, broer, zus of leerkracht zijn.
2. Tekenen en spelen
Tekenen of spelen is soms een fijne manier om een nare gebeurtenis achter je te laten. Ook als je tekenen of schilderen een beetje kinderachtig vindt, kan het fijn zijn om zo je hoofd leeg te maken.
3. Foto’s bekijken
Het bekijken van foto’s uit het ziekenhuis kan helpen om beter te begrijpen wat er is gebeurd. Vraag hiernaar bij de nazorgverpleegkundige of verpleegkundig specialist in het brandwondencentrum. Die kan je hierbij helpen. Ook kan het fijn zijn om een eigen fotoboek te maken of je verhaal op te schrijven.
4. Stapje voor stapje terug naar normaal
Wanneer je brandwonden hebt door bijvoorbeeld vuur of hete thee, kan het lastig zijn om weer met vuur of thee om te gaan. Je kan samen met je ouders of iemand anders een plan bedenken om stap voor stap deze angst te overwinnen. Bijvoorbeeld door eerst op een veilige afstand naar vuur te kijken en volgende keer weer een stapje dichterbij te zetten. Zo leer je langzaam weer dat het vuur niet altijd nare gevolgen heeft.
5. Littekens laten zien
Na je ongeluk heb je misschien littekens en hier moet je even aan wennen. Soms kan het lastig zijn om je littekens te laten zien aan anderen, maar het helpt om ze niet te verstoppen en er geen geheim van te maken. Ook als je weet dat nieuwsgierige mensen vragen kunnen stellen. Iedereen moet namelijk even wennen aan je littekens, ook de mensen in je omgeving. Tip: verzin een kort en wat langer verhaal dat je als antwoord kan geven als mensen vragen stellen. Het korte verhaal is voor nieuwsgierige mensen waar je niet mee wilt praten. Het langere verhaal is voor mensen aan wie je wat meer wilt vertellen.
6. Neem de tijd en voldoende rust
Wanneer je een ongeluk hebt meegemaakt, is het belangrijk om jezelf rust en tijd te geven om te wennen aan alles. Je herstel kost ook veel energie, dus kun je ook af en toe erg moe zijn. Het kan goed zijn om een paar momenten op de dag in te plannen waar je rustig aan kunt doen,een rustmoment te plannen, of even toe te geven aan je slaap als je erg moe bent. Wanneer je je lichaam en brein genoeg rust geeft, helpt dat ook voor het herstel van je concentratie en geheugen. Probeer ook ’s avonds op tijd naar bed te gaan en op tijd weer op te staan. Op die manier geef je jezelf regelmaat en structuur.
7. Probeer positief te blijven denken en doen
Het kan zijn dat je het soms niet meer ziet zitten. Dat is niet meer dan normaal. Het is ook allemaal best veel. Maar ook dan moet je proberen om positief te blijven. Doe bijvoorbeeld dingen die je altijd al leuk vond, zoals sporten, lezen, afspreken met vrienden of vriendinnen of muziek luisteren. Zo heb je even afleiding en zal je je wat beter voelen. Positieve gedachten hebben ook invloed op hoe je je voelt. Geef jezelf een complimentje als iets goed is gegaan en focus op wat er allemaal leuk was aan je dag. Soms helpt het ook om te bedenken dat het nog erger had kunnen zijn. Dat klinkt misschien gek, want je hebt echt iets ergs meegemaakt. Dit is alleen een manier die helpt om je beter te voelen, net zoals bedenken van wat er allemaal goed is gegaan.
8. Contact met andere kinderen en jongeren met brandwonden
Het kan ook helpen om andere kinderen met brandwonden te ontmoeten. Zij snappen namelijk echt wat jij meegemaakt hebt, waardoor jullie elkaar goed kunnen begrijpen. Ook als je helemaal niet zo’n last meer hebt van wat jou is overkomen, kan het leuk zijn om andere kinderen met brandwonden te ontmoeten. Er zijn allerlei activiteiten, zoals een schaatsdag, zwemdag, Brandwondendag, familieweekend en vakantieweken voor kinderen en jongeren.
Ben je benieuwd hoe het is om andere kinderen met brandwonden te leren kennen? In deze video vertellen verschillende jongeren over de vakantieweken en wat zij daaraan gehad hebben.
Wil je meer van een van Sem, Laura en Plien zien? Bekijk hier de gehele video’s: Sem, Laura, Plien.
Hulp
Wat als de problemen niet vanzelf over gaan? Klik hier om meer te lezen.
Het hebben van stress of het blijven nadenken over alle gebeurtenissen gaat meestal vanzelf over. Soms is dat alleen niet zo. Dan weten jij en je ouders niet zo goed wat jullie moeten doen. Het is dan goed om hulp te vragen, bijvoorbeeld bij je huisarts of de arts of de nazorgverpleegkundige in het brandwondencentrum. Soms wordt je dan doorgestuurd naar een kinderpsycholoog. Met een psycholoog praat je over wat er is gebeurd en hoe het nu gaat. De psycholoog helpt door met je te praten en je tips te geven. Veel kinderen, maar ook volwassenen, hebben weleens met een psycholoog gepraat. Samen onderzoeken jullie hoe jij je weer beter kan gaan voelen.